Brabant in Nederland uit de Brabantse almanak van 1949


BRABANT IN NEDERLAND uit de Brabantse almanak van 1949

Brabant in Nederland is een publicatie van Dr. H. van Velthoven; hoe de provincie
Noord Brabant zich verhoudt met de rest van Nederland ,vooral bezien vanuit katholiek oogpunt in de naoorlogse jaren.
U moet dit verhaal wel in de tijdgeest van de 18e en 19e -eeuw zien en kunnen begrijpen , om te kunnen oordelen.

De relatie Brabant-Nederland houdt momenteel tallozen ernstig bezig. Velen zijn de mening toegedaan, dat het grootste katholiek gewest, vroeger zo weinig belangrijk, nu te veel naar voren treedt: zij kunnen maar niet begrijpen hoe deze ommekeer te verklaren is. In hun gedachte immers is Brabant nog steeds het armelijke, achterlijke land met een goedmoedige bevolking, die tevreden is met een schriel bestaan. De her opstanding van het gewest, moeizaam voltrokken, is hun niet voldoende bekend en zij hebben er ook geen interesse voor, zich van deze groei en bloei op de hoogte te stellen. Voor velen van hen is de steeds fierdere houding van Brabant , dat zijn plaats met zelfbewustheid opeist, niet alleen een onbegrijpelijk feit, maar tevens een bron van ergernis. Zij leven in hun gedachtewereld twee eeuwen terug, toen het Generaliteitsland Staats-Brabant geen rechten kon doen gelden, noch op godsdienstig, noch op staatkundig gebied.
In de Franse tijd ontstond wel de zelfstandige provincie Noord-Brabant, maar in de ogen van vele Nederlanders bleef zij minderwaardig en ook in feite was het er verre van, dat zij de plaats innam, waarop zij recht kon doen gelden.
Zeer lang bleef de Hollandse cultuur-centralisatie bestaan en daardoor de gedachte, dat Holland alleen of hoofdzakelijk de toon had aan te geven. Historisch is dit wel te verklaren, immers tijdens en door onze vrijheidsoorlog, die tevens een godsdienstoorlog was en nu drie honderdjaar geleden met de Vrede van Munster eindigde, werden de roemrijke Nederlanden, die de Rijn, Maas en Schelde-delta innamen, verscheurd. Wat bezig was geleidelijk tot een eenheid uit te groeien een staat de Nederlanden in de ware zin van het woord, werd hopeloos gesplitst in een noordelijk deel, de republiek de Verenigde Nederlanden, en de Spaanse, later de Oostenrijkse Nederlanden, het tegenwoordige België . De door de Staatsen veroverde delen van Vlaanderen, Brabant en Limburg, te Zuiden van de grote rivieren gelegen, werden door de republiek als veroverd gewest beschouwd en als zodanig behandeld. Voor hen begon een zware tijd, die meer dan anderhalve eeuw duurde en waarin hun de gelegenheid werd ontnomen zich economisch en sociaal te ontwikkelen.
Het is niet nodig hier diep op in te gaan; voldoende is het er op te wijzen, dat slechts vreemdelingen nagenoeg allen protestant de ambten in Staats-Brabant bekleedden; dat de katholieke godsdienstuitoefening in de eerste tijden onmogelijk werd gemaakt en later sterk werd bemoeilijkt; dat een reeks belastingen werd ingevoerd, die enige welstand beletten; en
eindelijk , dat inkwartieringen, brandschattingen en andere rampen een druk op deze landen legden, waardoor duizenden bewoners tot volslagen armoede afdaalden.
Deze toestanden verbeterden weliswaar langzaam tijdens het Koninkrijk, maar de beoordeling van Brabant bleef bezijden de waarheid en ver beneden de maat. Zelfs werd den Brabander een onvaderlandslievende houding verweten! Dat hen dit diep griefde, behoeft wel geen betoog immers geen land bracht zulke offers voor het welzijn van de Staat. Ontevredenheid over de slechte behandeling bestond er wel maar nooit werden opstand of afscheiding gepropageerd, ofschoon er toch tijden waren, waarin Brabant kansen kreeg, de weinig sympathieke republiek de rug toe te keren.
Dat men hier nooit veel voelde en ook niet voelen kon voor het zelfgenoegzame Holland, het gewest, dat in de republiek sterk domineerde en dat zich meer bekommerde over de relatie met de overzeese landen dan over de welstand van de randgewesten der republiek, wie zal het ontkennen en misprijzen? Veeleer zou men Holland een minder goed nationaal besef kunnen verwijten, vervuld als het steeds was, de eigen belangen al te zeer op de voorgrond te dringen. De antithese, welke nog steeds tussen Holland en de randgewesten bestaat en na de oorlog zelfs scherpere vormen aannam, is in haar oorsprong in de bovengeschetste verhoudingen te zoeken. In ons volk spreekt de historie nog steeds een duidelijke taal.
Met de geleidelijke her opstanding van het diep vernederde Brabant, welke de negentiende eeuw vult , door Holland weinig naar waarde geschat, namen de spanningen tussen de beide gewesten toe. Deze Brabantse emancipatie voltrok zich, natuurlijk, op geheel eigen wijze, naar de aard en het karakter van het volk, waarin de katholieke overtuiging vaardig bleef. Met kracht werd stelling genomen tegen de protestante overheersing , welke geleidelijk verdween. Daarna werd door het katholiek gewest de strijd tegen de liberalistische uitingen aangebonden, die tot in de eigen kringen waren doorgedrongen. De katholieke gemeenschap in Brabant nog sterk levend schudde al deze gevaren van zich af en won het op bijkans ieder terrein. Daarom ook kon het later opkomend socialisme zeker het nationaalsocialisme van de gehate vijand er geen vat op krijgen. Langzaam maar zeker verhief 't Brabantse volk zich tot een hoogte, waarbij het de gelijke werd van de overige Nederlandse volksgroepen.
In deze krachtig ontwikkelende, katholieke gemeenschap vonden de wekroepen van Paus en bisschoppen een dankbaar gehoor. Terwijl de economische mogelijkheden toenamen door een meer wetenschappelijk bedreven landbouw en niet minder door de vestiging van een van een hoogstaande industrie, welhaast over de gehele provincie verbreid ontstonden er bindingen tussen de leden van bepaalde beroepsstanden en tussen deze onderling: een krachtig organisatie-leven ontwikkelde zich, een steunpilaar voor Kerk en maatschappij. Een frisse geest drong overal door en de vaste wil de groei van het gewest te stimuleren, mede tot vergroting van de vaderlandse kracht.
Met deze ontwikkeling ging een meer zelfbewuste houding van het Brabantse volk gepaard. Het onderwijs in al zijn geledingen, geheel naar de katholieke overtuiging ingericht, oefende hierop een diepe invloed uit. Was Brabant vroeger van goed onderwijs verstoken geweest, in de negentiende en twintigste eeuw behaalde het eigen initiatief, ook op dit terrein prachtige resultaten. De bekroning vormden in de jaren 1920 de Economische hogeschool te Tilburg en de Keizer Karel universiteit te Nijmegen. Een groep Brabantse intellectuelen sloot zich aaneen om de bewustwording te leiden en te cultiveren: Brabantia Nostra nam deze taak op zich.
Brabantia Nostra werd een leuze, die tot ver buiten de grenzen van het gewest doordrong en bij tallozen een bepaalde gedachte over het Brabantse land en zijn bewoners oproept. Men weet voortaan, dat het gewest iets wil en tevens, wat het voorstaat: groei en bloei op eigen wijze te verkrijgen en te behouden tot zegen van Brabant en daardoor van Nederland!
Dit nieuwe Brabant met zijn vitale, katholieke bevolking en zijn voortreffelijk productie apparaat geeft voortaan in menig opzicht de toon in Nederland aan. Vanuit het Zuiden klinken verlangens, worden initiatieven kenbaar gemaakt, die voor het gehele land van betekenis zijn. De achterstelling, die vroeger Brabants deel was, behoort tot het verleden; achterstand, als gevolg daarvan is nog op menig terrein waarneembaar. De bewuste Brabander is daarvan diep doordrongen; naast eigen activiteit verlangt hij van de landsregering steun en hulp om deze achterstand te doen verdwijnen. Als belangrijk middel daartoe beschouwt hij de toepassing van een decentralisatie-politiek, waardoor spreiding van de cultuurgoederen zal plaats vinden. De laatste resten van de Hollandse cultuur-centralisatie zullen er door verdwijnen tot zegen van het gehele vaderland. In dit opzicht bestaat er een treffende overeenkomst tussen de regionale activiteiten, welke in nagenoeg alle randgewesten momenteel vallen waar te nemen.
Het eigen initiatief mag hierbij niet worden onderdrukt, integendeel, het moet door de landsregering worden aangewakkerd. Eerbiediging van de verscheidenheid voert immers tot een sterke eenheid. Wat gelijkschakeling betekent, heeft ons volk in de barre oorlogstijd wel ervaren! Wordt het economisch en cultureel leven decentralistisch verzorgd, dan kon Brabant in dit spel van krachten een belangrijke rol vervullen. Deze activiteit heeft nog een wijdere strekking. Door de uitgroei van Brabant tot een van onze belangrijkste gewesten, verlegt zich het zwaartepunt van Nederland meer zuidwaarts. Opvallend is het, dat in België de noordelijke gebieden vlugger in betekenis toenemen, met name het vroeger zo stille Kempenland , dat in opbloei en aard van zijn bewoners zozeer met ons Brabant overeenstemt. Hier liggen de contactpunten van de beide staten België en Nederland , waartussen de laatste jaren zulke hechte banden worden gesmeed. In het sterke Brabant en de krachtige Kempen kunnen hechte bindingen worden aangebracht tussen de Benelux-landen niet alleen tot hun zegen, maar ook tot versteviging van de West-Europese politiek, wat een bijdrage betekend tot consolidering van de wereldvrede.

's-Hertogenbosch 1949
Dr. H. van Velthoven.