Geschiedenis Mill

Geschiedenis van Mill (Noord-Brabant)

Mill is historisch gezien geen spectaculaire plek, maar juist een schoolvoorbeeld van een Brabants zanddorp dat oorlog, armoede en bestuurlijke veranderingen heeft doorstaan . Een dorp gevormd door landbouw, molen en kerk.

  1. Prehistorie en Romeinse tijd

Het gebied rond Mill is al duizenden jaren bewoond. Archeologische vondsten wijzen op:

  • Steentijd en bronstijd: tijdelijke kleine nederzettingen, bewoning op hogere zandgronden.
  • IJzertijd: agrarisch gebruik van het landschap.
  • Romeinse tijd (0–400): Geen stedelijke kern, maar wél Romeinse munten, crematieresten en aardewerk. Dat duidt op verspreide bewoning en gebruik van regionale handels- en verbindingsroutes. Mill lag niet langs een hoofdweg, maar zeker ook niet “in the middle of nowhere”. Gezien de locatie ten opzichte van Cuijk en Haps.
  1. Vroege middeleeuwen (ca. 500–1000)

Na het instorten van het Romeinse gezag bleef het gebied continu bewoond:

  • Kleine hoeven en boerennederzettingen op dekzandruggen.
  • Ontstaan van verspreide hoeven en nederzettingen; ontginning van heide en bos tot akkers. Ontstaan van het typische zanddorpenlandschap.
  • Vroege lokale kerkel?ke structuren in vorm van kapellen/kerk; toewijding aan Sint Willibrordus wijst op vroeg Christendom.
  1. Hoge middeleeuwen (1000–1300)

In deze periode krijgt Mill duidelijk vorm:

  • Mill functioneert als nederzetting binnen het Land van Cuijk, zonder uitgebreide schriftelijke bronnen. Het Land van Cuijk, een grensgebied tussen Gelre en Brabant. Strategisch en kwetsbaar.
  • 1166: eerste schriftelijke vermelding van Mill als “Mylle”. waarschijnlijk afgeleid van molina (Latijn voor molen), wat wijst op het vroege belang van een water- of windmolen. Mylle genoemd in een document van de abdij Mariënweerd (Beesd), met een uithof en bezittingen in Mill. Dit is de oudste harde bron voor Mill als nederzetting.
  • Systematische ontginning van heide en bos ? aanleg van essen en akkercomplexen.
  • Bestuur in handen van lokale heren, met invloed van de hertog van Brabant.
  • Ontstaan van de parochie Mill, Door aanwezigheid van Mariënweerd?bezit en kerkactiviteit ontstaat een functionerende kerkelijke structuur; Mill opereert als parochie vóór de formele overdracht van patronaat.
  1. Late middeleeuwen (1300–1500)
  • Mill blijft een agrarische gemeenschap zonder stedelijke functies.
  • Ontwikkeling tot zelfstandig dorp met eigen schepenbank (voor lokale civiele en lage justitiezaken.)
  • Geen marktrecht, geen stadswallen, geen handelscentrum.
  • Wel bestuurlijke stabiliteit en een vaste plek in het regionale netwerk van dorpen.
  • Het patronaatsrecht van de parochie Mill wodt geschonken aan de abdij Mariënweerd. De abdij krijgt nu formeel zeggenschap over pastoor en kerkinkomsten.
  • Mill functioneert als zelfstandige parochie binnen het aartsdiakonaat Kempenland van het aartsbisdom Keulen.
  • De (water)molen en de kerk vormen het economische en sociale middelpunt.
  1. 16e en 17e eeuw – Oorlog en verval

Deze periode is ronduit slecht voor Mill:

  • Tachtigjarige Oorlog: Reformatie en oorlog beïnvloeden regio; Mill blijft katholiek, maar politiek en economisch lijdend..
  • Mill ligt strategisch ongunstig: vaak doorgangsgebied voor legers.
  • Na 1648 onderdeel van Staats-Brabant: Officieel Nederlands, maar feitelijk een tweederangsgebied:
    • Katholiek gebied onder protestants bestuur.
    • Weinig investeringen, zware belastingen.
    • Economische stagnatie.
  1. 18e eeuw – Overleven
  • Nauwelijks groei; landbouw blijft kleinschalig en traditioneel.
  • Armoede is wijdverbreid.
  • Het landschap verandert weinig: heide, essen, houtwallen blijven dominant.
  1. 19e eeuw – Gemeentevorming en voorzichtig herstel
  • Franse tijd ? gemeentelijke herindeling – modern bestuur: Mill wordt een officiële gemeente. Lokale bestuursstructuren worden hersteld.
  • Verbetering van wegen en infrastructuur.
  • Herstel van de kerkelijke hierarchie
  • Komst spoorverbinding Wesel – Boxtel, aansluiting op internationaal netwerk. (tijdelijke) locale economische impuls van toename hotels en cafe’s
  • Bouw kerk, scholen, klooster en gemeentehuis. Ontwikkeling Stationsstraat.
  • Kleine ambachten en nijverheid blijven
  • Bevolkingsgroei blijft beperkt.
  1. 20e eeuw – Transformatie
  • Eerste Wereldoorlog: neutraliteit, maar economische problemen.
  • Transformatie van agrarisch dorp naar meer gemengd dorp. Industrialisatie, houtfabriek “Van hout”, bierbrouwerij “het anker”.
  • Tweede Wereldoorlog: schade, bezetting, verzet. Mill en st. Hubert worden samengevoegd tot gemeente Mill en st. Hubert  in 1942. Eerste uitbreidingswijk van Mill van woningbouwvereniging “st. Willibrord” met goedkeuring van ir. Ringer.
  • Na 1945:
    • Ruilverkaveling en schaalvergroting landbouw.
    • Woningbouw in de jaren 50, 70, 90  en voorzieningen.
    • Mill groeit enerzijds uit tot een woondorp met forensen. Anderzijds biedt de locale industrie werkgelegenheid.
  • Politionele acties.
  • Toevoeging van Langenboom aan de gemeente Mill en st. Hubert in 1969.
  1. 21e eeuw – Bestuurlijke schaalvergroting
  • Verdere uitbreiding van het dorp. Uitbreiding gemeentehuis.
  • In 2022 wordt Mill en st. Hubert als gemeente opgeheven en  wordt Mill onderdeel van de gemeente Land van Cuijk.

 

 

Deel deze post